- Jubileum
De gebakjes staan klaar, de eerste gasten worden over een halfuur verwacht. Het licht valt door de ramen van Blossem in Breda naar binnen. De plek waar straks het zorgevent van ADSR plaatsvindt, maar waar eerst tijd wordt genomen voor een goed gesprek met de hoofdspreker: Ruud Veltenaar. Filosoof, toekomstdenker en spreker die naar eigen zeggen zo’n tweehonderd keer per jaar voor een zaal staat. Aanleiding voor het gesprek is het 40-jarig bestaan van ADSR, maar Veltenaar kijkt liever vooruit. Veel verder vooruit. Want wat betekent het om een bouwbedrijf te zijn in een wereld die volgens hem op het punt staat zichzelf opnieuw uit te vinden?
Hij opent met een ontnuchterend feit: de gemiddelde levensduur van een bedrijf is teruggelopen tot zo’n twaalf jaar, terwijl dat een halve eeuw geleden nog tegen de zeventig liep. Veertig jaar worden is dus al een prestatie. De oorzaak ligt volgens hem in technologie die in razend tempo verandert wat we van bedrijven verwachten: wie vandaag hip is, kan overmorgen achterhaald zijn.
Het verhaal dat Veltenaar straks op het podium vertelt, draait om één centrale gedachte: we zitten niet in een crisis, maar in een transitie. De optelsom van geopolitieke, demografische, militaire en ecologische schokken die mensen onzeker maakt, is volgens hem het begin van een overgang naar een nieuw tijdperk. Een transformatie die generaties zal duren, tot ver in de volgende eeuw.
Hij noemt het een perfecte storm. “Deze perfecte storm neemt iedereen en alles mee. Je hebt eigenlijk maar één keuze: met welke mindset ga ik mee?” Wie wil dat alles blijft zoals het is, krijgt het volgens hem zwaar. Wie de chaos omarmt en zijn onzekerheid instrumenteel maakt, krijgt er iets voor terug: het besef ertoe te doen.
Het bijzondere is volgens Veltenaar niet dát deze transitie plaatsvindt. Dat is voor de zevende keer in de menselijke geschiedenis dat bestaande systemen instorten. Nieuw is de schaal: voor het eerst speelt het zich op alle continenten tegelijk af en raakt het acht miljard mensen. De oude systemen transformeren niet zozeer, ze sterven af, en daarnaast bouwen we iets nieuws op.
Voor de zorg, het thema van het event, betekent dat een fundamentele omslag. Het huidige zorgsysteem is volgens Veltenaar losgekoppeld van zijn bedoeling en vastgeklonken aan een doel: snel diagnosticeren en goedkoop behandelen. Terwijl de bedoeling van zorg juist is dat mensen lang en gezond leven, en dat patiënten niet langer als patiënten worden gezien maar als mensen die zelf onderdeel zijn van de oplossing.
En precies daar raakt zijn betoog aan een bedrijf als ADSR. Want de bouwsector, zo houdt hij de zaal voor, transformeert mee. Hij vat het kernachtig samen. “De sector transformeert van een stenen stapelaar naar een facilitator van langdurig, zelfstandig, gezond en veilig wonen.”
Daarmee schuift een bouwonderneming volgens hem op richting de zorg. Niet de zorg voor zieke mensen, maar het mogelijk maken dat mensen lang, veilig en duurzaam zelfstandig blijven wonen. Dat begint al op de ontwerptafel: drempelloze woningen, domotica, ruimte voor een rolstoel en techniek die de privacy bewaakt in plaats van schendt.
Natuurinclusief en biobased bouwen ziet Veltenaar als vanzelfsprekend: met respect voor biodiversiteit en met materialen die de natuur uitnodigen terug te komen. Maar de grootste opgave is volgens hem socialer bouwen. Nederland behoort tot de dichtstbevolkte gebieden ter wereld en tegelijk wonen we op opvallend veel vierkante meters per persoon. Dat is in zijn ogen niet langer houdbaar, simpelweg omdat het te duur is en eigenlijk niet nodig.
Zijn alternatief: compacter wonen, meer de hoogte in, met de eerste etages ingericht voor gemeenschappelijk gebruik. Een gedeelde keuken, een bibliotheek, ruimte waar bewoners voor elkaar zorgen, met mantelzorg die je in het ontwerp organiseert in plaats van achteraf regelt. Niet alleen omdat er straks te weinig handen en geld zijn, maar ook om iets te herontdekken wat we volgens hem zijn verleerd: dat we sociale wezens zijn die het fijn vinden voor elkaar te zorgen.
Veltenaar denkt in eeuwen, niet in kwartalen. Geld verdienen noemt hij een resultante van het creëren van waarde, geen doel op zich, net zoals geluk een gevolg is van betekenisvol zijn. Vandaar zijn beeld van de extra stoel aan tafel. “Zet elke dag de stoel bij aan tafel. Dat is de stoel van de generatie die nog geboren moet worden.”
Voor een bouwbedrijf is die gedachte concreter dan voor wie ook. Wat je bouwt, staat er nog als jij er niet meer bent. Zeker als je modulair en in hout bouwt: schroeven en bouten eruit, en het gebouw verhuist mee naar waar straks wél water, energie en werk is.
De grootste verandering, betoogt Veltenaar, zit niet in de techniek maar in de mensen. Nieuwe systemen kunnen we niet bouwen als we zelf niet veranderen, anders bouwen we dezelfde systeemfout opnieuw in.
Daarvoor werkt hij met vijfentwintig transformationele vaardigheden over vijf dimensies. Kritisch kunnen denken bijvoorbeeld, iets wat zeldzaam wordt nu we leunen op sociale media en algoritmes, of veerkracht en het vermogen positieve relaties aan te gaan. Hij adviseert bedrijven er een paar te kiezen die aansluiten bij hun kracht en bij wat de sector nodig heeft, en daar maandenlang met hun mensen aan te werken.
Technologie omarmt hij daarbij, zolang die de menselijke maat dient: gebruik haar om processen te ondersteunen en sneller en goedkoper te werken, maar houd het menselijke karakter overeind. Als robotisering straks een deel van de timmerlieden en metselaars overbodig maakt, zou een deel van de besparing volgens hem terug moeten vloeien naar diezelfde mensen, zodat zij zich kunnen omscholen tot bijvoorbeeld mantelzorger of leerkracht. Goed werkgeverschap dat doorloopt tot na het dienstverband, noemt hij dat.
Of ADSR de komende vijftig jaar haalt, wil hij niet voorspellen; dat vindt hij pretentieus. Wat hij het bedrijf gunt, is duidelijker. Een rol in een wereld die niet draait om het beste ván de wereld zijn, maar om het beste vóór de wereld doen. Eén woord verschil, en volgens Veltenaar het hele verschil. Voor ADSR betekent dat: blijven bouwen aan plekken waar mensen samen wonen, zorgen en werken. Niet alleen voor de bewoners van vandaag, maar ook voor wie er over veertig jaar de sleutel in de deur steekt.
We ronden af en hij staat op en loopt naar beneden, waar hij zijn laptop aansluit en de presentatie klaarzet. Over een paar minuten arriveren de gasten en draagt hij hetzelfde verhaal over aan een zaal vol mensen die er, net als ADSR, middenin staan. Het gesprek is dan misschien afgelopen, maar het vooruitkijken begint pas.